Marc Mulders

1958
Klik op een kunstwerk voor meer informatie

Marc Mulders (1958) werkt vanaf Landgoed Baest, omringd door de natuur. Hij is schilder, aquarellist, fotograaf en glazenier. Het atelier kijkt uit over akkers vol kleurige spikkels van veldbloemen. Zijn voornaamste inspiratie komt uit de natuur, met de bloem als toppunt van schoonheid. Mulders werken zijn vrolijk, weelderig, genereus te noemen. Het brengt een gevoel teweeg. En er zit een ambivalentie in; de dikke lagen olieverf verbeelden het tere, het lichte van bloemen wanneer ze op hun mooist zijn. De zon schijnt door de blaadjes en verlicht de schilderijen van binnenuit. In de lente en zomer van de jaren 90 schildert hij bloemen, zoals tulpen, irissen en pioenrozen. In de winter richt Marc Mulders zijn vizier op wilde dieren als fazanten en hazen en schildert hij bloemen uit zijn geheugen, als een diepgeworteld verlangen naar het nieuwe seizoen.

Inspiratie
De verf ligt dik op het doek; een kolkende energie spat van de werken af. De schoonheid van de natuur in volle overtuiging, met tegelijkertij het besef dat verval op de loer ligt. Het korte leven van een bloem als symbool voor onze eigen vergankelijkheid. De impressionist Claude Monet is een belangrijke inspiratiebron voor Marc Mulders. “Deel uitmaken van een traditie is voor mij net zo belangrijk als oorspronkelijkheid. Ik voel me verwant aan Claude Monet met zijn tuin in Giverny vol bloemen, water en waterlelies die hem inspireerden tot werken zoals Les Nymphéas in de Parijse Orangerie.” Mulders begon zijn carrière met veel donker werk. Gaandeweg – mede gesteund door zijn bezoeken aan Giverny, de magische tuinen van Monet- heeft hij dat losgelaten: in zijn eigen woorden stapte hij af van ‘het norsige en vlezige coloriet’ en koos bewust voor het gebruik van zachtere pasteltinten. De tegenstelling kon niet groter zijn. Wanneer je voor een schilderij van Mulders staat, beleef je het gevoel van de schilder. In zijn bloemschilderijen is de delicaatheid en de versheid voelbaar, de ontwapening door hun gebundelde schoonheid.

In gesprek met de grote meesters
Mulders is in een constante dialoog met traditionele en moderne kunst. Hij kijkt mee met de oude meesters, zoals Titiaan en Rembrandt, en hij laat zich aan de hand meenemen door Willem De Kooning. Willem De Kooning maakte de beleving, het zintuiglijke, leidend. Het figuratieve verdween niet direct, maar speelde een ondergeschikte rol. Hij liet zich niet beperken door de randen van het doek; ook al was het canvas afgelopen, het verhaal lijkt door te gaan. Mulders laat zich hierdoor inspireren. De verfstreek of -toets, ‘de vlek’, bepaalt en is veel meer dan een ondersteunend element. Het dicteert. Het drukt uit wat zich onder het oppervlak bevindt.

Abstracte flora
Met zijn verhuizing tien jaar geleden van de Tilburgse binnenstad naar een landelijke omgeving, verandert ook de stijl van Marc Mulders. “Van een close-up aankijken van de bloem, het bloemhart, in de vaas in het atelier naar het aanschouwen van het vergezicht boven de akkerbloemen uit. Die architectuur in de natuur, met al haar verschillende kamers, dauw, nevel, zonneschijn, tegenlicht, die ik hier in het landgoed inloop, werd zo het leidmotief”, schrijft hij in zijn boek My own private Giverny. Bij het schilderen wordt Marc Mulders niet alleen omringd door de geuren en kleuren van de weidse akkers, maar ook door opengeslagen boeken van bijvoorbeeld Paradijstuinen, de Amerikaanse abstract expressionist Helen Frankenthaler, tot het modetijdschrift Vogue. Afbeeldingen worden eruit gescheurd en naast het doek geniet om te dienen als ‘steun en toeverlaat’ en ‘geestverwanten’ bij het schilder proces. Met ‘bloemig abstracte’ werken als resultaat.

Ook maakt Marc Mulders in opdracht glas-in-loodramen. Bekende voorbeelden zijn ‘Een tuin van glas’ voor de Nieuwe Kerk in Amsterdam en ‘Het laatste oordeel’ in de Sint-Janskathedraal in Den Bosch.

Werk van Marc Mulders is, naast particuliere collecties in binnen- en buitenland, vertegenwoordigd in tientallen museale en openbare collecties.